Afstand van zakelijke rechten
Naar een duurzame verzoening tussen goederen- en verbintenissenrecht
Het beginsel van de wilsautonomie omvat zowel de bevoegdheid om een recht te verwerven als de bevoegdheid om een recht op te geven als men dit niet (langer) wil (uitoefenen). Elk rechtssubject kan dus in beginsel afstand doen van zijn recht, met de uitdoving ervan tot gevolg. Voor zakelijke rechten is deze beëindigingswijze wettelijk verankerd in Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek (art. 3.15, 5° BW). Ondanks de wettelijke verankering, betreft de verdere uitwerking een blinde vlek in ons rechtssysteem. In de eerste plaats bestaat er onzekerheid over wat de afstand van een zakelijk recht (niet) is. In het rechtsverkeer bestaan daarover uiteenlopende opvattingen waardoor het onderscheid met andere rechtsfiguren vervaagt en het onduidelijk is welke rechtsregels al dan niet van toepassing zijn. Daarnaast bestaat er onzekerheid over de rechtsgevolgen. In het goederenrecht betreft de eenzijdige afstand van het zakelijk recht een evidentie. Een zakelijk recht omvat echter niet alleen voordelen maar ook verbintenissen. In het verbintenissenrecht is de afstand van een contractueel zakelijk recht daarentegen allesbehalve vanzelfsprekend omdat een akkoord van de schuldeiser van die verbintenissen ontbreekt. De afstand lijkt op die manier in te gaan tegen de bindende kracht van het contract (pacta sunt servanda). De afstand van het (on)roerend eigendomsrecht ligt evenmin voor de hand. Het lijkt een gemakkelijke uitweg voor de eigenaar om zich te ontdoen van de verplichtingen die op goederen rusten.
Het boek probeert dit spanningsveld tussen het goederen- en het verbintenissenrecht op duurzame wijze te verzoenen aan de hand van een algemene theorie over de afstand van zakelijke rechten. Het boek is opgedeeld in drie delen. Het eerste deel biedt een globaal rechtsvergelijkend overzicht van de kenmerken, geldigheidsvereisten en rechtsgevolgen die gelden bij de afstand van elk zakelijk recht in het Belgische, Franse, Nederlandse en Zwitserse recht. Aan de hand van enkele bouwstenen wordt afgebakend wat de afstand van een zakelijk recht (niet) is. Het tweede deel bekijkt de bijzonderheden van de afstand per zakelijk recht. Het derde deel behandelt tot slot twee buitenbeentjes: de ‘afstand’ van het lijdend erf (art. 3.122 BW) en de ‘afstand’ van een private kavel in geval van afbraak en heropbouw (art. 3.88, §1, 2° h) BW). Deze gevallen voldoen niet aan de bouwstenen en kwalificeren dus niet als een afstand van een zakelijk recht. Doorheen deze drie delen komen evaluatieve en normatieve analyses aan bod die de aanzet vormen voor de algemene theorie die in het besluit uitgewerkt wordt.
Elektronische versie beschikbaar op :
- Strada lex België
Heeft u een abonnement? Activeer kosteloos de digitale versie dankzij de code in het boek.
| Producttype | Boek |
|---|---|
| Formaat | Hardback |
| EAN / ISSN | 9789400020375 |
| Reeksnaam | Property Law Series |
| Beschikbaarheid | Te verschijnen |
| Toegang tot oefeningen | Nee |
| Uitgever | Intersentia |
| Taal | Nederlands |
| Publicatiedatum | 15 apr. 2026 |
| Beschikbaar op Strada Belgique | Ja |
| Beschikbaar op Strada Europe | Nee |
| Beschikbaar op Strada Luxembourg | Nee |